Doorgaan naar artikel

Bepaal voerefficiëntie in vijf stappen

Afbeelding

Voerefficiëntie is een kengetal dat in een quotumloos tijdperk veel waarde heeft. Ook melkveehouders zonder voermengwagen kunnen het kengetal berekenen.

De voerefficiëntie geeft aan hoeveel kilo meetmelk er van 1 kilo droge stof voer wordt gemaakt. Dit veelomvattende kengetal geeft de efficiënte van de productie aan en is daarmee een beoordeling van het hele bedrijf. Een hoge voerefficiëntie is alleen mogelijk als alle factoren optimaal op elkaar zijn afgestemd. In de praktijk varieert het kengetal van 1,1 tot 1,6.

Met managementtools kan de veehouder de voerefficiëntie berekenen en blijven volgen. Deze zijn gebaseerd op de dagelijkse gewogen en verstrekte (ruw)voeders via de voermengwagen. Tools geven melkveehouders voortdurend inzicht in het voer, zodat ze direct kunnen sturen.

Veehouders die niet werken met een voermengwagen, hebben die mogelijkheid niet. Zij kunnen wel een bepaling doen om te weten waar ze staan. Dat kan een eenmalige actie zijn, maar beter is om dit frequent te doen. Op die manier kunnen ook deze melkveebedrijven werken aan een betere voerefficiëntie.

1. Bepaal ruwvoergift van één dag

Gebruik de nettogevoerde hoeveelheid ruwvoer, dus exclusief restvoer. Voor veehouders met een voermengwagen met weeginrichting is dat simpel. Anderen bepalen met een (mobiele) weeginstallatie de werkelijke voergift. Een alternatief is berekenen. Meet of schat de hoeveelheid kuubs per dag en vermenigvuldig die met kuubsgewichten. Graskuil uit een sleufsilo heeft bij 35 procent droge stof 210 kilo droge stof, snijmais heeft 260 kilo, bierbostel 225 kilo en bietenpulp 180 kilo.

2.Meet krachtvoergift van één dag

Tel bij de droge stof uit ruwvoer de drogestofopname uit krachtvoer op. Gebruik voor de omrekening van kilo’s naar droge stof factor 0,88.

3. Reken om naar droge stof per koe

Bepaal het aantal melkgevende koeien van die dag. Deel de totale drogestofopname door het aantal koeien. Dat geeft aantal kilo’s droge stof per koe per dag.

4. Bepaal meetmelk van één dag

Bereken het aantal geleverde kilo’s melk van één dag via de melkleverantie of -meting. Tel daarbij de hoeveelheid restmelk op. Bereken de factor meetmelk met de volgende formule: 0,337 + (0,116 × vetpercentage) + (0,06 × eiwitpercentage). De totale hoeveelheid melk maal de factor meetmelk is het aantal kilo’s meetmelk per dag. Dit getal delen door aantal melkgevende koeien geeft de hoeveelheid meetmelk in kilo per koe per dag.

5. Deel meetmelk en voergift

Door de twee gevonden kengetallen te delen ontstaat de voerefficiëntie van die dag. Die wordt uitgedrukt in kilo’s meetmelk per kilo droge stof voer. Onder 1,1 is een slechte score; boven 1,5 is goed.

Basisvoorwaarden in beeld

Een niet-optimale voerefficiëntie duidt op tekortkomingen in één of meer aandachtsgebieden. Bij een lage voerefficiëntie komen als eerste de basisvoorwaarden in beeld: ruwvoerkwaliteit, rantsoensamenstelling, gezondheid, vruchtbaarheid, transitiemanagement, methode van voerverstrekking en leefomstandigheden in de stal. Omdat jonge vaarzen en koeien later in de lactatie minder efficiënt met voer omgaan, is een optimale samenstelling van de veestapel en lactatiestadia een belangrijke factor.

Bedrijven die goed scoren maar verder willen verbeteren, kunnen op alle vlakken de puntjes op de i zetten. Denk aan verder optimaliseren van de rantsoensamenstelling en verbeteren van vruchtbaarheid, diergezondheid, koecomfort, afkalfleeftijd en vervangingspercentage.

Delen

Gerelateerde artikelen

Beheer
WP Admin