Doorgaan naar artikel

Laagste prijs gevaarlijker dan de hoge mestkosten

Foto: Jan Willem Schouten

Foto: Jan Willem Schouten

De veranderende opstelling van de retail baart me meer zorgen dan de oplopende mestkosten. De vraag is hoe lang we nog voor niks willen melken als we een groeistap zetten. In de omringende landen wordt namelijk wel geld verdiend door schaalvergroting.

Landbouwminister Henk Staghouwer werd op zijn nummer gezet door de Tweede Kamer toen hij met zijn perspectiefbrief met een nieuw verdienmodel voor de agrarische sector kwam. Ik moet erkennen dat Staghouwer tenminste nog een poging heeft gedaan om op papier de economische wetmatigheid van het verdunnen van kosten te verslaan. Van de huidige minister Adema heb ik op dat gebied helemaal niets vernomen. ‘Stil zitten en nergens de vingers aan branden’, was Adema’s parool. Op de Grüne Woche bleek dat hij tot de conclusie was gekomen dat het allemaal niet zo zwart wit is. Dat we in Europa moeten oppassen dat we niet het kind met het badwater weggooien via de door minderheden gewenste snelle transitie.

Ondertussen is de mestplaatsingsruimte dit jaar met een vijfde naar beneden gegaan. Met de verdere afbouw van de derogatie zal er in 2025 nog een keer een flink stuk vanaf gaan. Renure, de kunstmestvervanger gemaakt uit drijfmest, moet de oplossing worden. Zeker, het is kansrijk maar ik ben ook sceptisch. Doe maar eens een sigarendoosberekening voor de – allemaal zeer inflatiegevoelige – kosten van energie, logistiek, chemische middelen, afschrijving technische apparatuur en arbeid. Dan kom ik op een kostprijs boven de € 20 om een kuub rundveedrijfmest ‘weg te werken’ als renure.

Met het verlagen van de P- en N-plafonds door Brussel is het eigenlijk niet de vraag óf, maar hóe de korting op dieraantallen wordt uitgevoerd. Wanneer Den Haag het niet gaat regelen, zal Brussel gewoon blijven inzetten op een koude sanering. Ook met de Europese verkiezingen in aantocht verwacht ik niet veel extra ruimte voor de Nederlandse dierhouderij. Een verschuiving naar landelijk protectionisme lijkt er juist aan te komen. In Frankrijk en Duitsland rijden de trekkers op de snelweg. Juist van de rechts-nationalistische partijen in die landen hoeven we niks te verwachten. Die willen juist hun eigen boeren beschermen. Flink minder vlees en zuivel uit Nederland, België en Ierland past in die agenda. Ik ben benieuwd wat de landbouwwerkgroep van de formerende partijen gaat opschrijven in het regeerakkoord. Gaan we voor een koude of warme sanering?

Uiteindelijk zal er een nieuwe balans komen, de huidige situatie is immers niets anders dan een herhaling van de geschiedenis in een ander jasje. Schaalvergroting zal uiteindelijk ook weer volgen om te voldoen aan de wetmatigheid van het verdienmodel.

Tijdens corona leek het erop dat boerenwinkels en huisverkoop de toekomst was. Inmiddels gaan de consumenten weer gewoon naar de gemakssupermarkt. Jumbo wil haar verloren marktaandeel weer terugwinnen met En dat voor die prijs. Niks plus-concepten of bio, nee, de laagste prijs leidt tot meer marktaandeel.

Voor de komende jaren vind ik die marktbeweging misschien wel zorgelijker dan de oplopende kosten voor mestafzet. Het verdunnen van kosten is in Nederland namelijk heel lastig geworden, terwijl de inflatie in kosten enorm hoog is. Dat zie ik in de cijfers van de European Dairyfarmers terugkomen. De kritische kostprijs van de beter presterende bedrijven in Nederland zit inmiddels vlot boven de € 0,40.

Bij onze buitenlandse EDF-collega’s is schaalvergroting het antwoord om de kosten te verdunnen. In Nederland moet je eerst een vergunning zien te regelen, fosfaatrechten kopen en dan nog van de mest af zien te komen. Oftewel: de eerste tien jaar melk je voor niks ten opzichte van de ons omringende landen. Hoe groot is de groep nog die dat wil?

Beheer
WP Admin