Doorgaan naar artikel

‘Liever investeren in personeel dan in apparatuur’

Het melken van koeien relatief eenvoudig houden is het ethos van de Maria Teresa Sur Tambo 1-boerderij in Argentinië. Daarom investeert het in personeel in plaats van in te veel machines.

Op Maria Teresa Sur Tambo-1 lopen 800 melkkoeien, evenzoveel jongvee en 25 dekstieren. Het bedrijf ligt in de provincie Buenos Aires. Matias Ohlsson beheert sinds acht jaar deze boerderij van 600 hectare, samen met zijn vrouw Patricia. Matias ziet op alles rond het vee, de gewassen en het personeel toe terwijl Patricia alle boekhoudingen verzorgt. “We melken twee keer daags de kruislingen van Jersey, NieuwZeelanders en Holstein”, zegt Matias. “De koeien produceren gemiddeld 16,5 liter per dag met 4,90% vet en 4,11% eiwit.” Het is A2A2-melk, onderzoek naar de kansen van overschakeling op biologisch loopt.

Het bedrijf volgt het Nieuw-Zeelandse systeem van jaarrond weiden en de koeien kalveren af in de herfst. In de winter, als de grasgroei afneemt, krijgen de koeien hooi, maiskuil en graan bijgevoerd. Eind april begint het insemineren en dat duurt 45 dagen, waarna nog anderhalve maand de stieren bij de koeien gaan. In de eerste drie maanden van het melkseizoen werkt de Argentijn met twee productiegroepen op basis van afkalfdatum. Daarna is het productieniveau bepalend. “Zo kunnen we de dieren optimaal voeren.”

Elf man personeel

Investeren in goed personeel in plaats van apparatuur is de sleutel op deze boerderij. Er zijn negen fulltime werknemers in dienst. Daarbovenop helpen twee extra parttimers tijdens het afkalfseizoen. Jaarrond controleert een dierenarts drie keer per week de dieren.

De koeien worden door drie personen gemolken in een 39-stands visgraatmelkstal. Een eenvoudig automatisch hek drijft de koeien op. “We zetten in op eenvoud. Zo min mogelijk trekkers, eenvoudige systemen en zeker geen voermengwagen. Het is belangrijker om in de medewerkers te investeren door zoveel mogelijk vrije dagen toe te staan ​​en goede salarissen te verstrekken dan te investeren in automatisering. Natuurlijk automatiseren we wel de eenvoudige arbeidsintensieve taken, zoals het opdrijven van de koeien en het spoelen van de vloeren in de melkstal.”

Meer bedrijven onder een koepel

De onderneming waarvoor Matias werkt, heeft nog drie andere melkveehouderijen. Het koerst op een gemiddelde jaarlijkse groei van 15% in dieren. Het houdt daarom 400 extra vaarzen per jaar aan. Die verkoopt ze, of zet ze in bij de start van een nieuwe locatie. “De laatste nieuwe locatie is twee jaar geleden gestart. We zullen ons nu wel een paar jaar concentreren op de verkoop van drachtige vaarzen. Het starten van een nieuwe melkveehouderij vraagt namelijk extra land en dat is schaars. Het moet wel langjarige pacht zijn. Koop is te duur.”

Kansen en bedreigingen

Zuivel in Argentinië is niet zonder uitdagingen. Tbc is een enorm probleem dat de ruimingspercentages verhoogt. Ook antibioticaresistente bacteriën zijn een probleem op dit bedrijf, E. coli, salmonella en cryptosporidium hebben de overlevingskansen van kalveren in de afgelopen drie jaar sterk verlaagd.

“Een andere grote uitdaging is het werven en behouden van goede werknemers”, zegt Matias. Hij ziet in zijn regio een tekort aan gekwalificeerde en bekwame werknemers. Velen beschouwen het werken in de melkveehouderij als een tijdelijke baan. Dat leidt tot het aantrekken van werknemers uit landen als Paraguay en Venezuela. “Ik denk dat een van de belangrijkste aspecten in de melkveehouderij de teambuilding is”, zegt Mathias “Ik probeer onze werknemers erbij te betrekken en benadruk dat als het bedrijf goed draait, het personeel daarvan profiteert. Meer vrije dagen, uitgifte van laagrentende leningen en passende werktijden zijn enkele van de voordelen van het werken op dit bedrijf. Het hebben van een goed team medewerkers maakt alle dingen gemakkelijker, wederzijds.”

Share this

Gerelateerde artikelen

Beheer
WP Admin